✓ 100+ locaties ✓ SSVV erkend ✓ Snel examen plannen ★ 4.8/5 Google reviews ✓ Gratis VCA-card
OpleidenSnel kennisbank

Blog 8: Onveilige handelingen vs. onveilige situaties: het verschil en de aanpak

juni 6, 2025 Praktische uitleg OpleidenSnel

Veiligheid op de werkvloer draait niet alleen om het herkennen van risico’s, maar ook om het goed kunnen onderscheiden waar die risico’s vandaan komen. Een veelgemaakte denkfout is dat alle risico’s ontstaan door onoplettend gedrag. In werkelijkheid zijn er twee fundamenteel verschillende oorzaken van ongevallen: onveilige handelingen en onveilige situaties. In deze blog leer je het verschil tussen de twee, en belangrijker: hoe je ze allebei kunt herkennen én aanpakken.


Wat zijn onveilige handelingen?

Een onveilige handeling is gedrag van een persoon dat het risico op een ongeval verhoogt. Denk aan:

  • Werken zonder persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s)
  • Machines gebruiken zonder instructie of toezicht
  • Roken in een omgeving met brandbare stoffen
  • Op een stoel klimmen in plaats van een trap gebruiken
  • Kabels of gereedschap laten slingeren

Deze handelingen zijn bijna altijd het gevolg van menselijk gedrag: gemakzucht, haast, onderschatting van risico’s, of simpelweg onwetendheid. Het vervelende is dat mensen vaak denken dat ze veilig bezig zijn – totdat het misgaat.


Wat zijn onveilige situaties?

Een onveilige situatie is een externe factor die een risico met zich meebrengt, los van menselijk gedrag. Bijvoorbeeld:

  • Een gladde vloer zonder waarschuwingsbord
  • Kapotte verlichting in een donkere werkruimte
  • Slecht onderhouden machines
  • Ontbrekende leuningen of valbeveiliging
  • Onvoldoende ventilatie in een ruimte met gevaarlijke stoffen

Onveilige situaties ontstaan vaak door gebrek aan onderhoud, slecht ontwerp of onvoldoende toezicht vanuit het management. In tegenstelling tot gedrag is dit iets waar medewerkers soms geen directe invloed op hebben.


Waarom dit onderscheid belangrijk is

Veel veiligheidsbeleid focust (onterecht) alleen op gedrag. Medewerkers krijgen waarschuwingen of sancties bij fouten, maar de omstandigheden worden niet verbeterd. Dit werkt averechts: het zorgt voor wantrouwen en demotivatie.

Door onderscheid te maken tussen gedrag en situatie kun je effectiever ingrijpen:

  • Bij onveilige handelingen: focus op voorlichting, training, voorbeeldgedrag en aanspreken op gedrag.
  • Bij onveilige situaties: focus op techniek, inrichting, signalering en structurele verbeteringen.

Voorbeeld: Een monteur laat zijn veiligheidsharnas achterwege (onveilige handeling) én werkt op een steiger zonder leuning (onveilige situatie). Beide moeten worden aangepakt om echt risico te verkleinen.


Hoe pak je dit aan in de praktijk?

  1. Observeer systematisch: Gebruik observatierondes of werkplekinspecties. Noteer wat je ziet aan handelingen én situaties.
  2. Bespreek zonder schuld: Maak het bespreekbaar zonder iemand direct te beschuldigen. Vraag: “Waarom gebeurde dit zo?” in plaats van “Wat deed jij fout?”
  3. Rapporteer risico’s: Stimuleer meldingen van zowel gedrag als situatie. Beloon het melden van bijna-ongevallen.
  4. Voer verbeteringen door: Los structurele fouten op in de werkomgeving, en geef training of herinstructie waar nodig.

De rol van leidinggevenden

Leidinggevenden hebben een dubbele verantwoordelijkheid. Enerzijds zijn ze voorbeeldgedrag voor veilig handelen. Anderzijds moeten ze alert zijn op onveilige situaties en zorgen dat deze structureel aangepakt worden. De B-VCA cursus geeft daarom ook veel aandacht aan het herkennen en melden van beide typen risico’s.


Conclusie

Een veilige werkplek vraagt om het herkennen én onderscheiden van onveilige handelingen en onveilige situaties. Gedrag kun je beïnvloeden door training en cultuur, situaties verbeter je door techniek en organisatie. Alleen door beide actief aan te pakken, bouw je aan een duurzame veiligheidscultuur.

In de volgende blog gaan we dieper in op hoe je gevaren systematisch leert herkennen met de RI&E (Risico-Inventarisatie & Evaluatie) — een verplicht instrument voor alle werkgevers.